|
Inhoud:
|
Inleiding
In zijn grootste omvang omvatte de heerlijkheid
Borculo het grondgebied van de huidige gemeenten Borculo, Neede, Eibergen,
Groenlo en Lichtenvoorde. De grenzen van de heerlijkheid zijn in de loop der
tijd nogal eens aan veranderingen onderhevig geweest. Duidelijk is, dat de
huidige gemeentegrenzen in hoofdzaak terug te voeren zijn op de grenzen van de
voogdijen. In de vorming van deze voogdijen (ca. 1500) is de ordende hand van de
heer van Borculo duidelijk aanwezig geweest. Naast deze
bestuurlijke/territoriale grenzen waren er oudere kerkelijke of kerspelgrenzen,
marke- en buurschapsgrenzen.
Kerspelen
en buurschappen
De oudst bekende indeling van het gebied is die in parochies of kerspelen.
Het woord kerspel is ontstaan uit kerk+spellen, waarbij spellen "verklaren"
betekent. Spel is de verkondiging van rechtsbeslissingen en vervolgens het
gebied waarvoor deze beslissingen van kracht waren. Meestal viel in de
Middeleeuwen het gebied van de kerkelijke gemeente en dat van het wereldlijk
gezag samen. Maar er waren uitzonderingen, zeker ook in de heerlijkheid Borculo.
Tot 1509 waren er in de heerlijkheid Borculo vier kerspelen te onderscheiden.
Deze parochies werden voor het eerst genoemd in de goederenlijst van graaf
Hendrik van Dahl uit 1188.
Overzicht van de kerspelen met onderhorige buurschappen
(tot 1509):
Groenlo: Avest, Beltrum, Dijcke,
Harreveld, Lichtenvoorde, Lievelde, Lintvelde,
Vragender, Zieuwent, Zomers,
Zwolle;
Eibergen: Borclo of Eldijck, Haarlo,
Holterhoek, Hupsel, Mallem en Loo, Olden Eibergen,
Rekken;
Neede: Brammelerbroek, Gelselaar,
Giffel, Hoonte,
Lochuizen, Markvelde (wereldlijk
echter behorend tot de heerlijkheid
Diepenheim!), Noordijk;
Geesteren: Biel (Over- en Nederbiel),
Heure, Resepe of Kulsdom.
Pas in 1509 werd het kerspel Borculo gesticht. Dit
bestond uit de stad Borculo (van de parochie Geesteren afgesplitst), het kasteel
Borculo (van de parochie Eibergen afgesplitst) en de buurschap Dijcke of Dijkhoek
(van de parochie Groenlo afgesplitst).
Het is nog niet helemaal duidelijk of er een samenhang bestaat tussen de
oprichting van dit nieuwe kerspel en de omvorming van de wereldlijke kerspelen
in voogdijen. De voogdijen worden namelijk pas na 1500 genoemd.
Steden
Steden onderscheidden zich van dorpen door hun geconcentreerde bebouwing,
verdedigingswerken (grachten, wallen of muren, en poorten), de economische
functie als marktplaats voor de omgeving, zetel van bestuur en rechtspraak.
In
juridische zin is het onderscheid belangrijk, dat het binnen de grachten gelegen
gebied (en het gebied er omheen) uitgezonderd waren van het voor alle inwoners
van het platteland geldende recht. Al deze voorrechten, maar ook de rechten en
plichten van de inwoners van de stad, werden vastgelegd in een zogenaamd
stadsrechtprivilege, dat na onderhandelingen door de landsheer (de heer van
Borculo) verleend werd.
In de laatmiddeleeuwse heerlijkheid Borculo zijn drie steden ontstaan.
-
Borculo (met schependom Dijcke of Dijkhoek)
-
Eibergen
- Lichtenvoorde
Borculo en Lichtenvoorde hadden gemeenschappelijk,
dat ze ontstaan uit een nederzetting bij het kasteel. Maar Lichtenvoorde
ontwikkelde zich pas na 1616 tot een bestuurlijk centrum van de nieuwe
heerlijkheid Lichtenvoorde. Borculo maakte deze ontwikkeling door in de Late
Middeleeuwen. Eibergen was geen bestuurlijk centrum, noch handelscentrum. Toch
wist het enige stedelijke rechten te verwerven.
Het belangrijkste stedelijke kenmerk, namelijk de juridische zelfstandigheid ten
opzichte van de heer van Borculo, bestond eigenlijk alleen bij de stad Borculo.
Het stadsbestuur oefende de lage rechtspraak uit. Het had het recht om
overtredingen te bestraffen, het oefende de vrijwillige rechtspraak uit (maken
van koopcontracten, overdrachten, hypotheekakten, testamenten,
boedelscheidingen). Strafrechterlijke zaken moesten, wanneer er bloed gevloeid
was, voorgelegd worden aan de hoge of criminele rechtbank van de heer van
Borculo. Ook met betrekking
tot andere stedelijke kenmerken, zoals de vestiging van (jaar-)markten zijn er
alleen activiteiten in Borculo waar te nemen. Waarschijnlijk met weinig succes,
gelet op het grote gewicht van de naburige IJsselsteden Zutphen en Deventer.
De stad Eibergen was vrijwel zelfstandig in de keuze van de vier burgemeesteren
en de gemeenslieden. De bevoegdheid van het stadsbestuur of magistraat strekte
zich slechts uit tot het gebied van de stad en de buurschap Holterhoek. In
de andere tot de voogdij behorende buurschappen had het stadbestuur geen enkele
macht. Eibergen was geen volwaardige stad, onder andere omdat het stadsbestuur
niet beschikte over enige vorm van rechtspraak. Het landrecht, dat is het recht
dat gold voor het platteland, gold ook voor de burgers van de stad Eibergen.
Groenlo hoort hier niet bij, want heer Henrik van
Borculo had al in 1236 de villa (= nederzetting) Groenlo verkocht aan graaf Otto
van Gelre. Het gebied van de latere stad Groenlo was zo een Gelderse enclave in
de Munsterse heerlijkheid Borculo. Het overgrote deel van het kerspel Groenlo,
met het ambt Lichtenvoorde en de (latere) voogdij Beltrum bleef Borculo's
grondgebied. De grenzen tussen Groenlo, dat in 1277 stadsrechten kreeg, en de
heerlijkheid Borculo liepen door de stadsgracht. In de loop van de Middeleeuwen
is de stad er in geslaagd het gebied uit te breiden ten koste van de omliggende
buurschappen. Het grondgebied van de huidige gemeente Groenlo is bijna identiek
aan dat van de laatmiddeleeuwse stad en schependom Groenlo.
Dorpen
In de middeleeuwen waren er twee of drie dorpen:
Geesteren, Neede en Eibergen. Laatstgenoemde plaats heeft vermoedelijk in de
late 15e eeuw stedelijke rechten verkregen. Dorpen hadden geen eigen bestuur.
Zij vielen geheel onder de rechtsmacht van de heer van Borculo. Wel had elk dorp
een marke, maar de heer van Borculo was in al die gevallen erfmarkerichter:
voorzitter van de markevergadering. De stad Eibergen viel eveneens onder de
rechtsmacht van de heer van Borculo, maar de burgerij van deze plaats koos een
eigen bestuur en was in enkele andere opzichten vrijgesteld van het landrecht.
- Neede
- Geesteren

De kerk van Geesteren, eertijds toegewijd aan Sint
Christophorus (Dit betekent: Christusdrager), noodhelper, reisheilige en
pestheilige. De kerk heeft in de Tachtigjarige Oorlog veel schade geleden. De
kerk bleef jarenlang zonder torenspits. Ook de gewelven waren ingestort. Het
zadeldak dateert uit de 17e eeuw. Tot 1509 was de kerk van Geesteren tevens
parochiekerk van Borculo. En oude benaming voor de Mariakapel (een zijbouw aan
het koor) herinnerde daar nog lang aan: Borculose kapel.
Voogdijen
en buurschappen
De indeling in voogdijen dateert van na 1500. In de 16e eeuw was
Lichtenvoorde een ambt of voogdij binnen de heerlijkheid Borculo. Stad en ambt Lichtenvoorde werden in 1616 losgemaakt
uit
het verband met de heerlijkheid Borculo. Voogdijen waren
administratieve districten
in de heerlijkheid Borculo. In de persoon van de voogd kwamen een aantal
uitvoerende bestuurstaken samen. De voogd was een door de heer benoemde ambtenaar.
Hij was veldwachter, deurwaarder, toezichthouder op het onderhoud van wegen,
waterleidingen, hij riep de ingezetenen op tot dienstverplichtingen ten gunste
van de heer.
De voogden oefenden ook nevenwerkzaamheden uit. Zo was de voogd van Geesteren
tevens Hofvoogd, waardoor hij verantwoordelijk was voor de regeling van de
dagelijkse gang van zaken op het Hof te Borculo. Het betrof ondermeer: het
regelen van de wacht, de bewaking van de gevangenen en de
organisatie van de uitvoering van een vonnis ( ophanging, verbanning; de
beul of scherprichter was belast met de daadwerkelijke uitvoering) en het
ontbieden van manschappen om de gracht
rond het kasteel ijsvrij te houden. De voogd van Eibergen was in de
zestiende eeuw vaak opzichter over de vele eigenhorigen van de heer. Dit was een
categorie horigen die geen onderdeel waren van een hofverband, maar wel
vele en zware
verplichtingen hadden ten opzichte van de heer.
Uit de voogdijen zijn in 1811 de gemeenten Beltrum, Eibergen,
Geesteren en Neede ontstaan. Stad en schependom Borculo werden de gemeente
Borculo. In 1817 werd de gemeente Geesteren opgeheven en bij de gemeente Borculo
gevoegd. In 1819 werd de gemeente Beltrum opgeheven en bij de gemeente Eibergen
gevoegd.
Overzicht voogdijen en buurschappen:
Geesteren: Biel (Neder- en Overbiel),
Kulsdom of Resepe, Heure, Haarlo, Gelselaar;
Neede: Hoonte, Noordijk, Lochuizen,
Brammelerbroek, Ruwenhof;
Eibergen: Olden Eibergen, Mallem en Loo,
Rekken, Holterhoek, Hupsel;
Beltrum: Beltrum, Lintvelde, Avest,
Zwolle. Meer ...
Lichtenvoorde: Lievelde, Vragender, Zomers,
Zieuwent, Harreveld.
|