![]() |
Stad en Heerlijkheid Borculo Een kaart van de Lebbenbrugge en omgeving uit 1805-1806
|
|
Inleiding Over de geschiedenis van boerderij, tol en herberg de Lebbenbrugge is veel geschreven en ook gepubliceerd. De meest recente literatuur vindt u elders op deze pagina. In deze kolom vindt u slechts enkele korte feiten uit de geschiedenis van de Lebbenbrugge, alsmede adressen en verwijzingen.
Keuterboerderij Adressen: Vereniging Vrienden van het boerderijmuseum de Lebbenbrugge (opgericht in 1994), Postbus 24, 7270 AA Borculo Website: Literatuur: |
Enigszins verborgen tussen "gewone" archivalia vond ik
enkele jaren geleden in de archieven van de Nassause Domeinraad in
het Nationaal Archief, een kaart van de Lebbenbrugge
en omgeving uit de jaren 1805-1806. De kaart is opmerkelijk vanwege vele
details en de weergave van het oorspronkelijke gebruik van de natuurlijke
omgeving. Het opschrift luidt:
"Caartje figuratief van de ligging der Lebbenbrug, het plaatsje de Wiltbaan, de Bekhorstkamp benevens die van het Beekenbosch. Int welk kan worden gesien de uit te rooyene strobbigen eyk hakbosch, ten eynde de gronden te doen leggen tot bouw- en weylanden, so bij de Lebbenbrug, Wiltbaan en de Bekhorst". Het kaartje, met het noorden rechts, is dus bedoeld geweest aan te geven welke bospercelen, die eigendom waren (geweest) van de heer van Borculo in akkers en weiden omgezet moesten worden en bij de domeingoederen de Wiltbaan, de Lebbenbrug en Bekhorst gevoegd zouden moeten worden. Kennelijk was het omzetten van bos- en woeste gronden in akkers en weiden een zaak die bevorderd moest worden. Opmerkelijk is dat in het jaarlijkse rapport over het Domein van Borculo, over 1805-1806, met geen woord gerept werd over deze ontginning. Op de vraag "of ook eenige gronden, en zoo ja, welke, alwaar opgaande bomen hebben gestaan, met meerder voordeel tot bouw- of wey- en hooylanden zouden kunnen werden aangelegd, hoedanig die dan daartoe te bewerken en hoeveel de kosten daarvan zouden bedragen?", gaf rentmeester H. van Juchem, tot antwoord: "Zulke gronden zijn er tans niet voorhanden". De vraag blijft dan ook of het plan (meteen) is uitgevoerd. De westgrens (op de kaart boven) werd gevormd door de Lebbenbeek, thans
bekend als de Slinge. Het slingerende of "serpenterende" karakter van de
Lebbenbeek duidelijk te zien. De oostelijke oever van de beek was vrijwel
geheel beplant met hakhout. Bij de Lebbenbrug lag een strook "wiltgront en
weyde".
Het erve "de Wiltbaan", dat eerder ook bekend stond onder de naam "Luikenkamp", was een keuterboerderij ("caterstede"). In 1795/1796 deed het "huys, hof en bouwland van de caterstede Luikenkamp of Wiltbaan, onder den Krink [schependom] van Borculo", waarvan Willem Wiltbaan pachter was, slechts dertig gulden in de pacht. In 1795 behoorde tot dit complex domeingoederenin deze omgeving ook nog "de oude wiltbaan", die in 16 percelen verdeeld en verpacht was. Waarschijnlijk zullen dit de gronden zijn geweest die onderaan op het kaartje staan (= ten oosten van de huidige Platvoetsdijk) (zie detailkaart 1). Het is bekend dat de oude weg van Groenlo naar de graafschap over de Heelweg in Beltrum verder langs de herberg de Platvoet naar de Lebbenbrug liep. Op de kaart wordt de huidige Platvoetsdijk aangeduid als "weg na Grol". Pachter Hendrik Bekenhorst betaalde voor de pacht van "het huys, hof en bouwland van de caterstede de Beekenhorst onder den Krink van Borculo" eveneens 30 gulden. Dit erf Beekenhorst is thans bekend als "Bekhorst" en ligt aan de Ruurloseweg nabij de Slinge. het wordt niet op de kaart afgebeeld.
En hoewel de Lebbenbrugge ook een keuterboerderij was, moest pachter Reint Bannink omstreeks 1795 toch 's jaars 200 gulden ter pacht geven voor
het "huys, hof, bouw- en weiland van de caterstede de Lebbenbrug, met den
toll, onder den Krink van Borculo". Het zal duidelijk zijn dat de pacht in
hoofdzaak gebaseerd was op inkomsten uit de tolgelden. De vorm en ligging
van de Lebbenbrug zijn zeer herkenbaar. Zelfs de plaats en de palen van de
slagboom zijn afgebeeld.
|